Gedicht
Handschoenenwantenweer
Handschoenenwantenweer is ’tDe hemel ’n vochtige volleWaardoorheen vermoeden van een late zon
Per trein reist de winter over staalVaart over bruggenEn belt bij elke spoorwegovergang
De wind snijdt ’t ijs:Poollucht die gezichten slaatZonder eerst te kijken
Soms sta ik boven – op ’n heuvelEen balkon tussen slierten neon –En zie ’t landschap van beton
Dat beneden mij vergadertMet aanspringend licht in ’t schemerdonkerDe vochtige wolk een zwarter hemel
En de horizon verdwijnt.